De risicoparagraaf geeft een inventarisatie van de risico’s. Het betreft risico's die van materiële betekenis kunnen zijn voor de financiële positie van Wetterskip Fryslân. In 2023 is risicomanagement verder doorontwikkeld. Inmiddels hebben er diverse risicosessies en risicogesprekken plaatsgevonden. De uitkomst hiervan is gebruikt om invulling te geven aan deze risicoparagraaf.
Bij het inzichtelijk maken van risico’s wordt een onderscheid gemaakt in:
- Risicovolle ontwikkelingen: bestuurlijk relevante ontwikkelingen die aanzienlijke risico’s inhouden voor de taakuitvoering van het waterschap op termijn maar waarvan de aard en omvang van het financiële effect nog erg onzeker zijn. Veelal gaat het om de lange termijn.
- Strategische risico’s: risico’s die van invloed zijn op het behalen van strategische doelen. Hieraan valt merendeels (nog) geen bedrag te koppelen. Veelal spelen deze risico’s op de middellange termijn.
- Operationele risico’s: risico’s die zich in het komende begrotingsjaar kunnen voordoen met een aanzienlijk financieel effect (> € 100.000). Deze risico’s worden zo goed als mogelijk gekwantificeerd en worden meegenomen bij het bepalen van de minimale weerstandscapaciteit.
Risicovolle ontwikkelingen
Risicovolle ontwikkelingen zijn bestuurlijk relevante ontwikkelingen die aanzienlijke risico's inhouden voor de taakuitvoering van het waterschap op termijn, maar waarvan de aard en omvang van het financiële effect nog erg onzeker zijn. Veelal gaat het om de lange termijn. De voornaamste ontwikkelingen die in dit kader van belang zijn, worden hieronder weergegeven.
Stikstofproblematiek
Door de landelijke aanpak van stikstofproblematiek kan krimp, maar ook weerstand in de landbouwsector ontstaan. Dit kan tot gevolg hebben dat er minder medewerking is vanuit de agrarische sector bij het realiseren van onze doelstellingen. Een heel ander effect is dat onze vergunningaanvragen meer tijd vragen, omdat deze getoetst moeten worden aan de stikstofuitstoot van de betreffende werkzaamheden.
FPLG
Vanuit Fryslân is voor het Fries Programma Landelijk Gebied (FPLG) een claim van meer dan € 5 miljard ingediend. Voor ons waterschap zitten hier doelen voor KRW en klimaatopgaven in. Op landelijk niveau overstijgt het totaalbedrag aan ingediende aanvragen die door het Rijk beschikbaar zijn gesteld. Hierdoor ontstaat het risico dat niet de volledige aanvraag wordt gehonoreerd. Ook de tweede kamer verkiezingen kunnen hier effect op hebben.
Klimaatverandering
Het programma voor klimaatadaptatie houdt integraal rekening met mogelijke gevolgen en benodigde maatregelen, met expliciete aandacht voor alle taken van ons waterschap. Deze uitdagingen kunnen leiden tot sterk stijgende kosten voor onze taken. Door meer rekening te houden dat water en bodem sturend zijn, zoals in onze blauwe omgevingsvisie uitgewerkt, proberen we excessieve kostenstijgingen te beperken.
Maatschappelijke polarisatie
Omgevingsprocessen worden steeds belangrijker, maar ook moeilijker. Belangen liggen uit elkaar en er is minder draagvlak om consensus te vinden. Hierdoor kost het meer moeite, tijd en geld om zaken te realiseren.
Kaderrichtlijn Water (KRW)
In 2024 staat een tussentijdse evaluatie van de voortgang van de Kaderrichtlijn Water (KRW) gepland. Een mogelijke uitkomst kan zijn dat het algemeen bestuur besluit tot extra maatregelen. Dit kan resulteren in een aanvraag voor extra financiële middelen in 2024. Hiernaast trekt de voortgang van KRW veel maatschappelijke aandacht. Dit kan leiden tot verzoeken op basis van de Wet open overheid (WOO), verzoeken om informatie en zelfs juridische procedures. De personele inzet die nodig is om hiermee om te gaan, zal deels afkomstig zijn van hetzelfde personeel dat werkt aan de KRW-maatregelen. Dit kan vertraging veroorzaken. Bovendien kunnen eventuele juridische procedures resulteren in bijkomende kosten.
Exotenbestrijding
Nieuwe regelgeving vereist dat kosten voor invasieve exotenbeheersing binnen projecten en overige werken voortaan gefinancierd worden uit het exploitatiebudget voor exotenbestrijding (en niet meer vanuit het projectbudget), wat mogelijk extra budgetaanvragen tot gevolg heeft. Ook hebben we te maken met de kreeftenproblematiek die zich landelijk voordoet en nu ook in Fryslân steeds relevanter wordt. Momenteel loopt in Fryslân een meerjarige pilot. Het is raadzaam om parallel aan de pilot voorbereidende stappen te ondernemen, zoals het raadplegen van andere waterschappen, kennis inwinnen voor snel inzetbare preventieve maatregelen, onderzoeken of een relatief eenvoudige (her)inrichting en impact van natuur en biodiversiteit effect heeft op de stand van de rivierkreeft, overleg met beroeps- en sportvissers, en het identificeren van eventuele wettelijke belemmeringen. De kosten, of dit binnen de huidige formatie kan worden behandeld of dat dit extra kosten met zich meebrengt, worden nog beoordeeld en kan leiden tot een aanvraag voor extra budget.
Strategische risico's
Als gevolg van |
Kan het gebeuren dat |
Met mogelijk gevolg dat |
Beheersmaatregelen |
Personeel |
|
De krapte op de arbeidsmarkt, vergrijzing, onderbezetting, kennis ligt bij 1 persoon |
Er onvoldoende en/of onvoldoende geschoold en deskundig personeel beschikbaar is (in de toekomst) |
De continuïteit van de bedrijfsvoering in gevaar komt; er vertragingen in werkzaamheden optreedt; de kwaliteit van de uitvoering van taken achteruit gaat; wettelijke taken niet uitgevoerd kunnen worden. |
1. Strategische Personele Planning: acties worden in de organisatie uitgezet en gemonitord 2. Het wervingsproces heeft continue aandacht |
Geen ecologische ruimte Waddengebied |
|
Op basis van formele planologische gronden mag niet aan de dijk in het waddengebied gewerkt worden terwijl informeel natuurorganisaties en beleidsmakers bij het rijk hier wel ruimte voor geven |
er geen (ecologische) ruimte is om te werken in het waddengebied |
- er een grote onzekerheid is of en op welke manier aan de dijken in het waddengebied gewerkt mag worden - er uitgeweken moet worden naar een ander alternatief (met onbekende financiële gevolgen). |
1. Er wordt externe juridische expertise ingehuurd 2. Er wordt contact gelegd met Europees Parlement waarbij afgestemd wordt welke speel ruimte er is |
Onvoldoende samenwerking overheden m.b.t. slib- en grondstromen |
|
Het feit dat overheden steeds meer samenwerken op het gebied van slib en grond maar dat dit nieuw is voor hen |
de samenwerking onvoldoende lukt |
- de uitvoering vertraagd wordt - de kosten substantieel stijgen |
Er is opdracht verstrekt aan het HWBP om hier beleid op vast te stellen |
HWBP niet binnen bestuurlijk vastgestelde kaders |
|
De eerste informatie uit het programmeringsproces lijkt er sprake te zijn van een forse toename van de opgaven van het landelijke HWBP programma zowel in scope (=km) als in geld (gemiddelde prijs per km) |
de te realiseren opgaven niet binnen de huidige bestuurlijke vastgestelde kaders (tijd en geld) door de alliantie (rijk en alle waterschappen) van het HWBP kunnen plaatsvinden |
als de opgave inderdaad ca 1.800 km bedraagt i.p.v. 1.500 km en de gemiddelde realisatiewaarde per km ook richting € 10 miljoen gaat i.p.v. € 7 miljoen, er een flinke budgetoverschrijding zal zijn. |
Er zullen binnen afzienbare tijd besluiten op bestuurlijk niveau genomen moeten gaan worden; houden we als alliantie 2050 aan als einddatum, dan zullen de bedragen die ingelegd moeten gaan worden door de alliantiepartners – en WF - verhoogd moeten gaan worden. Schuiven we datum 2050 naar achteren, dan komt onze eigen programmering mogelijk op losse schroeven te staan. |
Onvoldoende snelheid realiseren bergings- en retentiegebieden |
|
Het lang duren van procedures om te komen tot realisatie (onvoldoende draagvlak) |
Er onvoldoende snelheid is in het realiseren van bergings- en retentiegebieden |
Toenemende kans op overstromingen. |
1. Er wordt met betrokken partijen continue gesproken om eerder gemaakte afspraken toch door te laten gaan 2. De benodigde hoeveelheid retentiegebieden wordt geanalyseerd |
Ongewenste stoffen op zuiveringen |
|
Het ontbreken van voldoende instrumenten voor WF voor de bronaanpak voor ongewenste lozingen. |
(er onnodig veel) ongewenste stoffen op zuiveringen komen |
Het zuiveringsproces verstoord wordt en de kwaliteit afneemt. |
Er wordt, naast bestuurlijke deelname aan de FUMO, periodiek overlegd met de FUMO om het belang onder de aandacht te houden. |
Minder lozingen op rwzi's |
|
Het afhaken van grote lozers |
Er minder lozingen komen op rwzi’s |
De belastingopbrengst daalt; Overcapaciteit rwzi’s ontstaat; De samenstelling van het afvalwater ongunstig beïnvloed wordt |
Door gesprekken met grote lozers wordt een vinger aan de pols gehouden en naar gezamenlijke oplossingen gezocht |
Vervangingswaarde assets onvoldoende |
|
Het ontbreken van een vervangingswaarde in de financiële administratie (a.g.v. verkrijging assets ‘om niet’) |
de afschrijvingen feitelijk te laag zijn |
Bij vervanging in het kader van instandhouding de kapitaallasten fors toenemen. |
1. Het algemeen bestuur is volledig geïnformeerd over dit risico 2. In begroting en Meerjarenplannen wordt hier rekening mee gehouden |
Onvolledig beeld assets en de kwaliteit ervan |
|
Onvoldoende data omtrent assets; Onvolledigheid legger |
Volledig inzicht in de assets en de kwaliteit ervan ontbreekt |
De betrouwbaarheid van de assets achteruit gaat (door geen en/of te laat onderhoud) en de voorspelbaarheid van de resterende levensduur onvoldoende nauwkeurig is. |
Binnen het traject van het doorontwikkelen asset management is dit opgenomen als een belangrijk actiepunt. De voortgang hierop wordt continu gemonitord. |
Operationele risico's met mogelijk effect > € 100.000
Hieronder vindt u een overzicht van de operationele risico’s die een mogelijk effect hebben van > € 100.000. Het gaat hierbij om het restrisico dat overblijft na implementatie van beheersmaatregelen.
Begroting* |
Risico |
Kans ** |
Mogelijk financieel effect in € |
Risicobedrag in € *** |
Verschil met begroting 2023 |
WS |
Maatschappelijke schade door nalatig handelen in waterbeheer |
L |
10.000.000 |
2.000.000 |
Geen |
WS/WK |
Afwijkingen t.o.v. aannames gehanteerd voor salariskosten als gevolg van CAO-ontwikkelingen |
M |
3.000.000 |
1.500.000 |
Kans van H naar M |
WK |
WF moet claims betalen m.b.t toerekening opbrengsten i.v.m. effluentheffing |
H |
800.000 |
720.000 |
Nieuw |
WK |
Afvoer afvalwater bij uitval zuivering |
LM |
2.500.000 |
500.000 |
Geen |
WK |
Uitval slibontwateringsinstallatie |
M |
2.500.000 |
1.250.000 |
Kans van L naar M |
WS/WK |
Digitale veiligheid: als gevolg van bijv. een ransomeware aanval, hacking telemetrie kan het gebeuren dat processen van WF uitvallen en/of data gestolen wordt |
M |
2.000.000 |
1.000.000 |
Geen |
WS/WK |
Hogere werkelijke inflatie (Goederen en diensten) dan geraamd in begroting |
L |
1.100.000 |
220.000 |
Kans van M naar L |
WK |
Processen kunnen geen doorgang vinden als gevolg van verouderde procesautomatisering |
M |
1.000.000 |
500.000 |
Nieuw |
WS/WK |
Prijsstijging contracten |
L |
1.000.000 |
200.000 |
Kans van M naar L |
WS/WK |
Stijging energiekosten |
M |
750.000 |
375.000 |
Mogelijke impact verhoogd |
Totaal |
|
|
|
8.265.000 |
|
*) Begroting
WF kent een afzonderlijke begroting voor de taken: Watersystemen en Waterketen. Aangegeven wordt voor welke begroting het risico speelt. Indien het voor beide begrotingen speelt wordt het risico verdeeld conform de verhouding in omvang van de begroting: 2/3 Watersystemen (WS) en 1/3 Waterketen (WK). Deze berekening is gebruikt om de benodigde weerstandsvermogen per taak uit te rekenen.
**) Betekenis Kans
H: hoog: het risico heeft een grote kans van voordoen en wordt voor 90% meegenomen (vermenigvuldigingsfactor 0,9). Bij een hoge kans is de inschatting > 70% dat het risico zicht het komende begrotingsjaar voordoet.
M: midden: het risico heeft een middelgrote kans van voordoen en wordt voor 50% meegenomen (vermenigvuldigingsfactor 0,5). Bij een midden kans is de inschatting tussen de 30% en 70% dat het risico zich het komende begrotingsjaar voordoet
L: laag: het risico heeft een kleine kans van voordoen en wordt voor 20% meegenomen (vermenigvuldigingsfactor 0,2). Bij een lage kans is de inschatting < 30% dat het risico zich het komende begrotingsjaar voordoet
***) Risicobedrag
Het risicobedrag ontstaat door het effect te vermenigvuldigen met de kans corresponderende vermenigvuldigingsfactor
Op basis van een inschatting op kans en impact bedragen de mogelijke effecten van de operationele risico’s € 8.265.000.
Dit bedrag wordt gecorrigeerd voor samenloopfactor van 0,9. Hiermee bedraagt de minimale weerstandscapaciteit voor Wetterskip Fryslân € 7.430.000.
Opgesplitst naar taak is dit:
Taak |
Bedrag |
Watersysteembeheer |
€ 3.770.000 |
Zuiveringsbeheer |
€ 3.660.000 |