Programma Waterveiligheid

Portefeuillehouder(s): Frank Jorna
Organisatie: Opgave Waterveiligheid

Excel-tabel

Waar zijn we van

Terug naar navigatie - Programma Waterveiligheid - Waar zijn we van

We beschermen Fryslân en een deel van het Groninger Westerkwartier tegen hoogwater. Dit doen we door ervoor te zorgen dat onze primaire waterkeringen (zee- en IJsselmeerdijken) ons beschermen tegen overstromingen. We houden rekening met overstromingsrisico's en klimaatverandering. Dit is onderdeel van onze wettelijke zorgplicht.

Daarnaast zorgen we dat de keringen langs onze boezemsystemen en beken in goede staat zijn. Zo zijn keringen bestand tegen tijdelijk hogere waterstanden en droogte. We beschermen hierdoor het landelijk gebied, de steden en dorpen tegen wateroverlast en zorgen ervoor dat het water in onder andere de Friese boezem op peil blijft.

We beheren en onderhouden circa 180 kilometer aan zeedijken op het vasteland langs IJsselmeer en Waddenzee, en op Ameland, Terschelling en Schiermonnikoog. En we beheren meer dan 3.200 kilometer aan regionale waterkeringen langs de Friese boezem en ruim 700 km overige of lokale waterkeringen.

In een cyclus toetsen we of onze waterkeringen voldoende sterk en op hoogte zijn. Daar waar onze waterkeringen niet voldoen aan de veiligheidseisen, programmeren we deze voor versterking. We kijken hierbij niet alleen naar de zeedijk of polderdijk, maar ook naar het landschap, de flora en fauna, en belangen van onder meer landbouw en leefbaarheid. Daar waar onze dijken onderdeel uitmaken van de publieke ruimte denken we mee met maatschappelijke initiatieven.

Excel-tabel

Gerealiseerde doelstellingen

Terug naar navigatie - Programma Waterveiligheid - Gerealiseerde doelstellingen

Voor elk stormseizoen geldt, dat onze dijken er spic en span bij moeten liggen. Dit jaar is het onderhoud uitgevoerd, sluitingsprotocollen zijn getest en de uitvoering van werken is gestopt  voor 1 oktober 2025.
De versterking van de Waddenzeedijk is een grote en complexe klus. Dat blijkt uit de terechte aandacht van het bestuur. Niet alles verloopt soepel en makkelijk zoals blijkt uit het dashboard maar we hebben vertrouwen dat we het bestuur gedragen en gedegen besluiten kunnen voorleggen.

In onderstaande tabel is de realisatie van de maatregelen aangegeven. Iedere beleidsmaatregel wordt afzonderlijk toegelicht.

Excel-tabel

Wat wilden we bereiken?

Terug naar navigatie - Programma Waterveiligheid - Wat wilden we bereiken?

De dijken en keringen verkeren in goede staat

Terug naar navigatie - Programma Waterveiligheid - Wat wilden we bereiken? - De dijken en keringen verkeren in goede staat

We hebben de wettelijke plicht om goed voor onze keringen te zorgen. Dat moeten we systematisch en navolgbaar doen. Dat willen we zelf, en worden hierop getoetst door de Inspectie Leefomgeving en Transport van het Rijk voor de primaire keringen en door de provincies Fryslân en Groningen voor de regionale keringen.

Het stormseizoen wordt gezien als de periode waarin hoogwater kan voorkomen en is vastgesteld tussen 1 oktober en 1 april. Het stormseizoen valt min-of-meer samen met de kans op hoog water in de boezem of extreme regenval. Het is van belang dat we klaar zijn voor dit hoge water en dit goed voor elkaar hebben.

Binnen Nederland zijn afspraken gemaakt over de optimale verdeling van watertaken. Zo is in het bestuursakkoord Water uit 2011 afgesproken dat primaire keringen in beheer komen bij die partij die het achterliggende gebied beschermd. Voor ons waterschap gaat het om de overdracht van de kering (dijk en duin) op Vlieland, de zandige kering Terschelling en de duinwaterkering Ameland van Rijkswaterstaat aan ons. 

Wat hebben we daar voor gedaan?

Beoordeling waterveiligheid van onze dijken en keringen uitgevoerd

Terug naar navigatie - Programma Waterveiligheid - Wat wilden we bereiken? - Beoordeling waterveiligheid van onze dijken en keringen uitgevoerd

We willen op de hoogte zijn van de conditie waarin onze dijken en keringen verkeren. De Omgevingswet vereist van ons dat we continu inzicht hebben in de overstromingsrisico's van de primaire waterkeringen. Als beheerder beoordelen we daarom of onze primaire waterkeringen voldoen aan de wettelijke veiligheidsnormen. Elke 12 jaar voeren we opnieuw een beoordeling uit. Dit doen we op basis van de rekenmodellen die landelijk door het Rijk worden gemaakt. In 2023 is de tweede beoordelingscyclus gestart, die loopt tot 2035.

In 2024 hebben we de derde beoordelingsronde voor de regionale keringen afgerond. Dit is een verplichting vanuit de provinciale waterverordening om elke zes jaar een beoordeling uit te voeren van hoogte en stabiliteit van de regionale keringen. De nieuwe opgave heeft een relatie met de ontwikkeling van nieuwe beleid, waaronder het nieuwe boezemplan en de bergingscapaciteit. Ook is het huidige programma nog in volle uitvoering. Daarom beperken we het maken van nieuwe plannen tot alleen urgente locaties en plekken waar we makkelijk en praktische zaken kunnen oplossen. In 2026 komen we dan met een vervolgaanpak voor de regionale keringen.

Wat hebben we daar voor gedaan?

Versterken van onze zeedijken en boezemkeringen

Terug naar navigatie - Programma Waterveiligheid - Wat wilden we bereiken? - Versterken van onze zeedijken en boezemkeringen

In 2050 moeten alle primaire keringen in heel Nederland voldoen aan de nieuwe veiligheidsnormen. Om dit te bereiken werken alle waterschappen en Rijkswaterstaat samen in het landelijke ‘Hoogwaterbeschermingsprogramma’ (HWBP). In heel Nederland hebben we circa 3.500 kilometer aan dijken en circa 500 sluizen en gemalen. In ons beheergebied hebben we ongeveer 200 kilometer aan primaire keringen. De totale landelijke opgaven bedraagt circa 2.000 km. Onze versterkingsopgave volgens de programmering 2027 - 2038 is nu ongeveer 80 kilometer.

Met het herstelprogramma regionale waterkeringen zorgen we dat deze voldoen aan de door de provincie gestelde norm. We hebben met de provincies Groningen en Fryslân afgesproken om tot 2027 in totaal 1.300 kilometer aan regionale keringen te verbeteren. Het huidige herstelprogramma is gebaseerd op de in 2014 en 2016 uitgevoerde tweede beoordeling van hoogte en stabiliteit. Op verschillende locaties zijn verbeteringen nodig. In totaal gaat het nog om circa 124 kilometer tot en met 2027. Bij de uitvoering van deze projecten bieden we waar mogelijk ruimte voor andere maatschappelijke voorzieningen (zoals natuur en recreatie).

Wat hebben we daar voor gedaan?

Wat heeft het gekost?

Terug naar navigatie - Programma Waterveiligheid - Wat heeft het gekost?

De toelichting op deze cijfers staat bij het onderdeel jaarrekening, overzicht van baten en lasten.

bedragen x € 1.000
Staat van baten en lasten Waterveiligheid Jaarrekening 2025 Actuele begroting 2025 Oorspronkelijke begroting 2025
Baten 2.323 2.336 2.083
Lasten -37.061 -36.052 -35.509
Totaal baten en lasten -34.737 -33.716 -33.426
Mutaties reserves
Algemene reserve 185 450 450
Bestemmingsreserves 1.021 321 321
Totaal mutaties reserves 1.206 771 771
Totaal resultaat programma -33.531 -32.945 -32.655

Investeringen 2025

Terug naar navigatie - Programma Waterveiligheid - Investeringen 2025

Excel-tabel

bedragen x € 1.000
Programma Waterveiligheid Begroot krediet 2025 Verstrekkingen 2025 Verschil
Bruto Netto Bruto Netto Bruto Netto
HWBP-Bijdrage landelijk programma 5.600 5.600 6.000 6.000 -400 -400
HWBP-Dijk en Duinverbetering Schier (PU) 5.000 500 1.000 100 4.000 400
HWBP-Dijkverbetering Zurich-Koehool traject Harlingen 3.000 300 -10 0 3.010 300
Verbeterwerken regionale keringen 8.299 8.299 6.133 6.133 2.166 2.166
Investeringsruimte afkomstig uit VP II 950 950 0 0 950 950
HWBP KCW Innovatie 0 0 630 0 -630 0
Eindtotaal 22.849 15.649 13.753 12.233 9.096 3.416

Omschrijving (toelichting)

Toelichting op investeringen
De afwijking binnen Waterveiligheid bedraagt voor de primaire en regionale keringen € 3.416.000. Dit wordt enerzijds veroorzaakt door meevallende aanbestedingsresultaten en anderzijds omdat we het einde van het herstelprogramma Oevers en Kaden naderen en de resterende opgaven meevallen. Het niet verstrekte krediet is in 2026 niet meer nodig voor investeringsprojecten. De verschillen op de kredieten van de primaire keringen worden verrekend met de kredietreserve HWBP. De solidariteitsbijdrage 2025 bedraagt € 6 miljoen. Dit ligt circa € 400.000 boven het verstrekte krediet. Zoals aangegeven in de 2e voortgangsrapportage 2025 wordt veroorzaakt door een hogere inflatiecorrectie dan waar bij de oorspronkelijke begroting rekening mee is gehouden. 

Kredietreserve HWBP
In de algemeen bestuur vergadering van 21 december 2021 is besloten een kredietreserve HWBP te vormen. Deze wordt gevoed met restantkrediet bedragen die op basis van de eindewerk-inschatting van HWBP-projecten kunnen vrijvallen. Na goedkeuring van het algemeen bestuur kan (een deel) van de kredietreserve HWBP ingezet worden voor een HWBP-investering, zonder dat dit leidt tot een toename van kapitaalslasten in de meerjaren exploitatiebegroting. Het vormen van deze kredietreserve is een beheersmaatregel om het financiële risico voor de projecten af te dekken, en past ook binnen de afspraken die landelijk in het HWBP zijn gemaakt. Conform het besluit wordt het algemeen bestuur middels de reguliere voortgangsrapportage over het verloop van de kredietreserve HWBP geïnformeerd.

Excel-tabel

Project Fase Datum besluit algemeen bestuur Bedrag
Koehool- Lauwersmeer Verkenning 21-12-2021 950.000
Dijk- en duinversterking Schiermonnikoog Voorverkenning 21-12-2021 1.500.000
Koehool-Lauwersmeer Planfase 21-12-2021 -535.000
Dijk-en Duinversterking Schiermonnikoog Verkenning 21-12-2021 -490.000
Lauwersmeerdijk Realisatie 31-5-2022 160.000
Innovatie continuering monitoring asfalt Innovatie 20-2-2023 -9.000
Innovatie Kwelder en voorland Innovatie 23-5-2023 -60.000
Koehool-Lauwersmeer Planfase 17-10-2023 -1.000.000
Dijk-en Duinversterking Schiermonnikoog Verkenning 17-10-2023 -400.000
Dijk-en Duinversterking Schiermonnikoog Verkenning 15-10-2024 400.000
Saldo kredietreserve ultimo 2025 516.000

Omschrijving (toelichting)