De verwachting is dat we in de eerste helft van 2025 drie revisiepeilbesluiten kunnen laten vaststellen door het AB: Greidhoeke, Noordelijk Westergo en Súdwesthoeke-Fryske Marren. Deze drie peilbesluiten hebben  betrekking op ca. 90.000 ha van ons beheergebied, waarvoor we na vaststelling het werkelijke peil hebben vastgesteld.

Voor de drie revisiepeilbesluiten Linde, Tusken Ie en Swemmer en Âlde Feanen is de verwachting dat we deze in de loop van 2025 in het bestuurlijke proces tot vaststelling kunnen inbrengen. Het is onder meer afhankelijk van ingediende zienswijzen of vaststelling door het AB mogelijk is in 2025.  De watergebiedsplannen waar deze revisiepeilbesluiten over gaan hebben in totaal betrekking op een gebied van ca. 53.000 ha. Omdat een deel vrij afstromend zonder aanvoer is, hebben de vast te stellen peilbesluiten betrekking op een kleinere oppervlakte.

Er resteren dan nog drie revisiepeilbesluiten (Koningsdiep-Oost, een deel van Koningsdiep-West en Zuidelijke Veenpolders, met een oppervlakte van ca. 49.000) die in de komende jaren moeten worden opgesteld en vastgesteld. Na afronding hiervan hebben we (voor de gebieden waar sprake is van een peilbesluitplicht) gebiedsdekkend de werkelijke waterpeilen vastgesteld.

De meeste partiële herzieningen worden, in lijn met het delegatie- en mandaatbesluit, vastgesteld door het dagelijks bestuur. Het aantal is afhankelijk van het aantal initiatieven van derden en van Wetterskip Fryslân en ligt naar verwachting rond de 15. In het delegatie- en mandaatbesluit is bepaald dat het algemeen bestuur via bestaande rapportages wordt geïnformeerd over de manier waarop de bevoegdheid tot vaststellen van peilbesluiten door het dagelijks bestuur is aangewend. Hiervoor gebruiken we de Voortgangsrapportage.